Het onderwijs in de toekomst

We maken een sprong in de tijd, het is 2032. Hans Pythagoras is een échte vakleerkracht wiskunde. Hij staat al 40 jaar voor de klas! Het onderwijs is flink veranderd ten opzichte van vroeger. Lesmateriaal is volledig digitaal, “ouderwetse” klaslokalen hebben ruimte gemaakt voor virtuele creatieve omgevingen waar teams vanuit verschillende studierichtingen met elkaar samenwerken.
 “Lesgeven op afstand” is de normaalste zaak van de wereld geworden. Kortom: “het nieuwe leren” heeft zijn intrede gedaan! Maar hoe gaat Hans daarmee om? Is hij hier wel klaar voor? Lees hier verder!
Het is 5 september 2032, kwart over 9 in de avond. Jason loopt de virtuele ruimte binnen voor de les wiskunde. De docent is een échte vakdocent met 40 jaar ervaring, meneer Hans Pythagoras. Na een halve minuut zijn alle leerlingen in de virtuele ruimte aangekomen. De tijd verstrijkt langzaam en het is al bijna half 10 als Hans binnen komt. “Mijn VR-bril wilde niet opstarten”, was zijn verklaring. Iedereen had echter snel door dat Hans op de bank in slaap was gevallen, gezien zijn kleine oogjes... Hij moet nog wat wennen aan dat “Nieuwe Leren”. Lesley, Johan en Alicia zijn inmiddels alweer uitgelogd. Zij volgen nu een virtuele les natuurkunde. Plaats-onafhankelijk leren volgens flexibele roosters is nu de nieuwe norm!
Jason heeft wat moeite met wiskunde. Hij kan slecht meekomen met de rest en heeft het afgelopen jaar een flinke achterstand opgelopen. Hij kan dus wel wat extra instructie en oefenstof gebruiken! Hans heeft echter geen idee hoe hij extra opgaven en instructie naar Jason kan streamen. Hij doet wel ontzettend zijn best om Jason wat extra aandacht te geven, maar dit blijkt voor Jason niet genoeg… Jason kan zijn opleiding uiteindelijk niet afmaken… Immers, als de fundering niet goed is, zal het huis uiteindelijk instorten…
Hans baalt hier ontzettend van! “Dit is al het zoveelste slachtoffer van het nieuwe leren! Vroeger was alles veel beter, toen we nog bij elkaar kwamen in de klas en ik nog écht persoonlijke aandacht kon geven!”. Hans legt zijn VR-bril aan de oplader en gaat naar bed. ’s Nachts droomt hij van die goede oude tijd… In de klaslokalen hingen nog smartboards en hij kon in een PDF-document gewoon met zijn vinger de belangrijkste woorden arceren! Dat waren nog eens tijden! Opeens schrikt hij wakker: “Wat is er gebeurd in die afgelopen jaren? De ontwikkelingen zijn veel te snel gegaan! Heb ik dat allemaal zomaar laten gebeuren? Is mijn race nu gelopen? Moet ik dit stokje niet gaan overgeven aan de jongere generatie?”. Een pijnlijke, maar toch wel terechte conclusie…. De volgende dag heeft Hans bij de schooldirecteur aangegeven met vervroegd pensioen te willen gaan.

Wat is hier nu aan de hand?

De Wet van Moore beschrijft het verband tussen de snelheid van computers en de tijd. Het aantal elektronische onderdelen dat op een chip past, verdubbelt namelijk elke twee jaar. De chips worden dus elke twee jaar twee keer zo klein. Hierdoor wordt de snelheid van computers steeds hoger.
Dit heeft uiteraard zijn weerslag op de maatschappij en dus ook op het onderwijs! Zeker als je bedenkt dat de Wet van Moore over 11 jaar zal eindigen… Dan breekt namelijk het moment aan dat de onderdelen op een chip niet kleiner gemaakt kunnen worden! Quantumcomputers (in plaats van het sequentieel uitvoeren van taken, kan een quantumcomputer meerdere taken gelijktijdig uitvoeren) of DNA-computers (die informatie net zo opslaan als het menselijk lichaam) zullen het alternatief worden.

En wat betekent dit dan voor het onderwijs, gekeken naar bovenstaande casus?
Jason is een student met een extra behoefte. Hij heeft extra hulp nodig bij wiskunde om een goed fundament neer te leggen waarop hij zijn studie kan voortzetten. Hans, de gepassioneerde vakdocent met 40 jaar ervaring, kan helaas niet meer in die behoefte voorzien. Hans heeft de ontwikkelingen niet kunnen of willen bijbenen. 

Maar is het falen van Jason alleen de schuld van Hans? Natuurlijk niet. Het onderwijssysteem is ook achtergebleven in de tijd. Ze zijn wel nieuwe middelen gaan gebruiken, zoals digitale lessen en virtuele klaslokalen, maar ze hebben nog altijd vastgehouden aan het aloude klassensysteem, waarbij cijfers nog steeds bepalen of je ergens goed in bent of niet. Is het niet veel belangrijker om competenties aan te leren en de beheersing van de stof het uitgangspunt te laten zijn? Als iemand een 7 haalt voor een proefwerk, wil dat nog niet zeggen dat hij de stof beheerst. Immers, een fundering die maar voor 70% gereed is, zal ook geen flatgebouw kunnen dragen.

Dit vraagt om een andere manier van lesgeven. Meer individueel, afgestemd op de student en minder klassikaal. De middelen in 2032 lenen zich hier uitstekend voor!
Wanneer we de casus vanuit het MIOO perspectief belichten, concluderen wij het volgende.
MENS:
Hans kan de technologische ontwikkelingen niet meer bijbenen. Hij voelt zich machteloos en verliest de moed om verder te gaan in zijn vak. Jason heeft behoefte aan meer ondersteuning die Hans hem niet meer kan geven. Kortom: de menselijke behoeften van zowel docent als student worden onvoldoende ingevuld.
INFORMATIEMANAGEMENT:
door de supersnelle technologische ontwikkelingen, wordt er veel meer informatie verwerkt en komt er ook veel meer informatie op ons af. Ook komen er nieuwe middelen waarmee we de informatie tot ons kunnen nemen. Er komt dus MEER informatie, via DIVERSE wegen SNELLER op ons af.
ORGANISATIE: 
er zal kritisch gekeken moeten worden of het klassensysteem en het waarderen van proefwerken met cijfers nog wel past bij het onderwijs zoals we dat in 2032 willen geven. Het gaat om de ontwikkeling van de student, die een basis nodig heeft van waaruit hij verder kan groeien. Die basis moet op orde zijn, anders zal hij of zij op een zeker moment stranden.
OPLEIDING:
om de nieuwe middelen optimaal toe te kunnen passen in het toekomstige onderwijs, dient men mee te bewegen met de technologische vooruitgang. Dit is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat het onderwijs blijft aansluiten op de behoeften van de maatschappij. Schoolleiders dienen hierin te faciliteren middels regelmatige trainingen en opleiding. Een leven lang leren is de standaard, voor zowel de docenten als de studenten!

Wat kan EPAHS voor uw onderwijsinstelling betekenen??

EPAHS is anders dan andere organisatieadviesbureaus. EPAHS is gericht op het “in SHAPE” brengen van organisaties. EPAHS helpt organisaties toekomstbestendig te worden! Hiervoor hebben wij vele expertises in huis, die zich richten op de pilaren van MIOO (Mens, Informatiemanagement, Organisatie en Opleiding) en de integraliteit van deze pilaren! Wij geloven namelijk dat deze pilaren onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn! 

Een onderwijsinstelling is ook “maar” een organisatie. Een organisatie waarin gepassioneerde medewerkers dagelijks met volle overtuiging hun vak uitoefenen! Het onderwijs is een groot deel van het fundament van onze maatschappij. Het moet dan ook optimaal aansluiten op die maatschappij!

De maatschappij verandert echter snel! Met name technologische ontwikkelingen maken dat bijvoorbeeld beroepen zullen verdwijnen, maar er ook nieuwe beroepen zullen komen. Dit vraagt om andere kennis en competenties! Afwachten is geen optie! Het onderwijs moet hier op voorbereid zijn!

‌Wat EPAHS voor u kan doen:
‌• Ontwikkelen van bewustwording bij docenten: stilstaan is geen optie!
• Adviseren over de integratie van nieuwe technologieën in het onderwijs.
• Optimaliseren van processen, de wendbaarheid vergroten (agility).

EPAHS opent ogen, vanuit een frisse, echte en positieve houding! Wilt u ook de ogen openen binnen uw organisatie? Zet dan een eerste stap en neem contact met ons op! ‌
Koelmalaan 350 | Unit 1.1 | 1812 PS Alkmaar |  info@epahs.nl | 088-5017100